Bijnamen

Het hemelvaartweekend vertoef ik met familie in de Achterhoek. In Lochem om precies te zijn. Uiteraard gaat ook bij zo'n weekend de fototas mee. Vooraf bekijk ik al waar de mooiste natuur te vinden zal zijn. Ik win zelfs informatie in bij mede-natuurfotografen waarvan ik weet dat ze meer deze richting op wonen en vertoeven. Voor het fotograferen van vogels in zulke gebieden moet je echter wel heel vroeg je bed uit met het hele gezelschap. Laat dat nu niet meteen ieders hobby zijn (ook ik heb er moeite mee hoor). Dus beloofd het een macro weekend te worden. Ik fotografeer een libelle, een mooie eendagsvlieg en kamille. Maar de topper van dit weekend is toch wel de mei kever.

Net zoals vorig jaar is ook dit jaar weer een topseizoen voor de meikever. In het verleden kwam het voor dat meikevers bomen helemaal kaal vraten. De larven, die engerlingen worden genoemd, vreten aan de wortels van groenten en gras. Daarom zijn ze altijd fanatiek bestreden. Zeker toen er halverwege de vorige eeuw giftige bestrijdingsmiddelen beschikbaar kwamen, was het snel gebeurd met de meikevers. Toen ik jong was, vertelde mijn vader vaak over de meikevers die hij ving als jongetje en dat ze de meikevers in een luciferdoosje stopten of in een jampot met gaatjes in de deksel en wat eiken- of beukenblad. In mijn jonge jaren heb ik ooit één keer een meikever gezien. Tot vorig jaar. Op de Regte Heide hoorden we toen een gebrom boven ons, van niet één maar wel honderden meikevers. Vanaf een blad of tak in een boom gaan de rugschilden omhoog en daar gaan ze. Vrij traag, dat wel. Ze halen maximaal acht kilometer per uur. Tijdens de vlucht maken ze een opvallend brommend geluid. Dat was gewoonweg niet te missen.

De meikever leeft de eerste jaren van zijn leven als larve onder de grond. Eens in de twee, drie jaar komt hij als kever uit de grond gekropen. Bij warm lenteweer, meestal rond de maand mei, wordt de kever actief. Vandaar de naam: meikever! Al zoekend op internet kom ik er achter dat de meikever enorm veel bijnamen heeft.

Gehaat en geliefd, de meikever. Gehaat als larve onder de grond waar hij sportvelden, golfbanen en fruitbomen kapot vreet. Geliefd bij de natuurfotograaf om zijn prachtige verschijning. Vooral vroeger was de meikever een ongewenste veelvraat. Niet dat je dat in de bijnamen van vroeger terugziet. Ze heten in Drenthe eekmulder en ekkelbieter, in Twente en in de Achterhoek ekkelfrans, ekkeltinus, ekkeltôkse, ekkelworm, oakenbrood, ekkelteve of ekkeltieuwe en ook bromwörme of ekkelbrommer. Veel 'eik' in de bijnamen dus. Ik lees op internet dat men in Zuid-Beveland de volksnaam roenkel (roenken is brommen of snorren) geeft aan dit mooie insect.

Op de site tuttel.com lees ik verder: "De Brabantse en Limburgse volksnamen luiden hegmulder, mulder en meuleneer, vanwege het bepoederde (meelbestoven) uiterlijk. Vooral jonge meikevers hebben dat. Een




beukenheg in oostelijk Brabant is een 'mulderheg'. Het opmerkelijke is de omkering in bijnamen: 'hegmulder' werd een schimpnaam voor een molenaar die zijn zelfstandigheid had moeten opgeven. Wie weet sluit het aan op het Bargoens. In dat boevenjargon staat meikever voor schooier, zwerver. In tegenstelling tot de echte meikevers kun je hen geen 'poot uitdraaien'. Overal kende men het spelletje om een eindje naaigaren aan een poot van de meikever te binden. Hij vloog dan rondjes of je rende met hem mee. Vaak ging het pootje er wel af."

Voor mij is de meikever geen ongewenste gast. Het is een prachtig, fotogeniek insect. Voor de natuur een belangrijk onderdeel. Als larve dient hij als voedsel voor spreeuwen, eksters, egels, dassen. Als volwassen kever wordt hij door menig vogel vast ook graag opgepeuzeld.

29 views1 comment

Recent Posts

See All