Op mijn achterwerk - 1 juni 2020

Ik verblijf al een paar dagen in een vakantiehuis in Ouddorp, met mijn gezin, hond en ouders, die 50 jaar getrouwd zijn. We zouden eigenlijk de prachtige stad Porto in Portugal bezoeken, maar vanwege Covid-19 kan dit uiteraard geen doorgang vinden. Met de vouchers van AirBNB en Air Portugal (hopelijk) in het vooruitzicht besluiten we op het laatste moment het gouden huwelijk van mijn lieve ouders te vieren in Ouddorp. Het weer is ons zeeeeeer gunstig gezind, we hadden geen beter weekend kunnen kiezen. Het blijkt een mooi alternatief. We logeren in een huisje met een heerlijk, zonnige tuin waar we 3 x per dag eten in de tuin. In de avonden BBQen we of het een lieve lust is en genieten we van heerlijke, Franse wijnen. Overdag maken we mooie wandelingen op het strand van Goeree Overflakkee en bezoeken we natuurgebied Scheelhoek en de Kwade hoek, in alle hoeken is het hier mooi. In de duinen zingen piepers, nachtegalen en kneutjes hun hoogste lied. Regelmatig wordt hun lied onderbroken door het gezang van de rietzanger en Cetti’s zanger. Af en toe vliegt een Bruine Kiekendief in de verte laag over het riet.

Aangekomen op het strand van de Kwade hoek zien we al snel een strandmeertje waar een eenzame lepelaar alle kreeftjes in dit meertje voor zichzelf opeist. In mijn eentje loop ik richting het strandmeertje. Mijn wandelgezelschap wacht geduldig in een zonnige duinpan, met uitzondering van mijn moeder, zij staat bovenop het duin met haar verrekijker. Stap voor stap probeer ik de lepelaar te naderen. Wanneer ik merk dat de kokmeeuwen rondom de lepelaar onrustig worden van mijn aanwezigheid, besluit ik te gaan zitten. Ik maak wat foto’s maar vind de afstand nog wat ver. Op mijn achterwerk schuif ik steeds een stuk naar voren. Als een baby die niet wil leren kruipen, beweeg ik mij langzaam op mijn billen voortwaarts tot ik naar mijn zin dicht genoeg genaderd ben. De lepelaar trekt zich van mijn aanwezigheid nog steeds niets aan en foerageert driftig verder om zo zijn buik voor vandaag vol te eten. Af en toe vliegen de kokmeeuwen met veel kabaal op als om de lepelaar te waarschuwen voor dreigend gevaar. Soms stopt de lepelaar een paar seconden met eten, recht zijn rug en kijkt in mijn richting om vervolgens onverstoorbaar weer verder te gaan. Ik blijf foto’s maken. De middagzon schijnt fel vanachter mijn rug op mijn nek en op de lepelaar waardoor ik mijn ISO laag heb staan en mijn sluitertijd flink moet opvoeren. Nog dichterbij lukt niet, ik merk dat de lepelaar dan onrustig van mij weg loopt, dus blijf ik op deze afstand. Na een tijdje besluit ik dat mijn wandelgezelschap lang genoeg in de duinpan heeft zitten wachten en sta ik op om mij bij hen te voegen en mijn weg te vervolgen.




0 views

© 2019 by Miranda Rijnen. Proudly created with Wix.com