top of page

Snelle rakkers, 20 januari 2024.

Net nadat ik wakker ben geworden, besluit ik door een kiertje van mijn jaloezieën een blik te werpen op de nog donkere buitenwereld. Een klein laagje sneeuw bedekt de auto's buiten op straat en wanneer ik mijn ogen richt op het lichtschijnsel van de lantaarnpalen, zie ik dat er nog steeds wat vlokjes uit de donkere hemel komen vallen. Meteen ben ik helemaal klaarwakker. Ik spring uit bed, kleed me zo warm mogelijk aan. Snel naar beneden om een banaan te eten en de auto vast op standje voorverwarmen te zetten zodat ik straks niet hoef te krabben. Ik heb nog wat tijd, het is nog donker. Manlief is dan al lang aan het werk in Breda.

Op mijn telefoon zijn verschillende berichtjes van mensen die zelf al op de nog donkere hei zijn of mensen die nu al hopen dat ik ga fotograferen op de heide. Even voor zonsopkomst zit ik samen met hond Bolt in de auto en rijdt over een besneeuwde Nieuwkerksedijk richting de Regte Heide. Nog niet veel auto's zijn mij hier voor geweest. Ik kijk links uit het raam en zie de lucht langzaam fellere kleuren krijgen door de opkomende zon. Boven de witte weilanden hangt hier en daar nog een laag mist. Het is nu al betoverend mooi.

Samen met Bolt loop ik de heide op. Langzaam ontvouwt zich een lichtoranje gloed over de natuur. De struikheide is verstopt onder een dun laagje verse sneeuw. Met mijn macrolens heb ik meerdere pogingen nodig om precies vast te leggen hoe mooi ik op dat moment zelf de besneeuwde heidetakjes waarneem. Eindelijk tevreden wandel ik verder en besluit richting de vogelkijkhut te lopen. Ter hoogte van de eerste bomen zie ik dat ik de eerste ben die mensensporen achterlaat. Het pad dat voor mij ligt, is nog maagdelijk wit. Vanaf de afslag links komt er een spoor bij, duidelijk van een vos. Voor de zekerheid haal ik mijn telelens uit mijn tas en stop mijn macrolens voor even weer terug. Tot aan de kruising bij Tapsmoer kan ik het vossenspoor volgen. Daar komt er nog eenzelfde spoor bij. Twee vossen sporen naast elkaar. Ik loop nog even rechtdoor, maar de sporen gaan hier van het pad af over een stapel boomstammen en verdwijnen dan het bos in. Het licht is inmiddels mooi zachtgeel geworden doordat de zon hoger aan de hemel komt te staan. Voor mij ligt een heel mooi lichtgeel landschap.

De muts die ik op heb tegen de kou, bedekt ook mijn oren. Het voorkomt dat ze pijn gaan doen van de kou maar zorgt er ook voor dat het geluid van de natuur wordt gedempt. Ik hoor vogels zingen, maar weet niet welke. Met mijn muts af luister ik geduldig. Een hele groep sijsjes vliegt van lariks naar lariks. In de verte hoor ik regelmatig een zwarte specht roepen. Kuifmezen, goudhaantjes en natuurlijk de ganzen die af en aan vliegen over het Riels Laag.

Het uitzicht vanuit Tapsmoer is prachtig. Alles is nog wit, het water staat hoog en de zon legt het beekdal in een schitterend licht. Een koppel zwanen foerageert rustig tussen alle ganzen en eenden. Af en toe hoor ik een buizerd roepen en een koppeltje roodborsttapuiten vliegt af en aan over de velden voor mij. Zij hebben duidelijk besloten om het hele jaar hier te blijven.

Na een kwartiertje loop ik dezelfde route weer terug richting de open heide. Het is dan duidelijk al wat drukker. Er zijn meer sporen van mensen en honden op het pad. Een wandelaar met een rode jas is een perfecte figurant voor op mijn foto van een lang pad met besneeuwde bomen aan weerszijden. Hij of zij lijkt zo het licht in te lopen.

Op zo'n 250 meter voor de parkeerplaats, hoor ik in de bomen langs het pad weer een groepje kuifmezen en goudhaantjes. Geduldig wacht ik tot de kuifmezen dichterbij komen, want deze kun je soms erg mooi fotograferen in de winter. Hoewel ik vaak mooie plaatjes van andere fotografen zie van goudhaantjes, heb ik die hoop jaren geleden al opgegeven. Die snelle rakkers ga ik vast nooit te pakken krijgen. Na wat geduld is het groepje vogels nu aanbelandt bij de bomen recht naast het pad. Tot mijn verbazing zijn het dit keer juist de goudhaantjes die behoorlijk ver afdalen naar hoogtes tot nèt boven mijn hoofd. Het zijn er zeker een stuk of 5 á 6 bij elkaar. Ze vliegen van de ene kant van het pad naar de andere kant en weer terug. Ik weet gewoon niet waar ik moet kijken. Nog nooit heb ik ze zo goed kunnen zien op een moment dat ik ook nog mijn telelens bij me had. Ze hangen veelal ondersteboven aan dunne takjes maar soms zitten ze enkele seconden rechtop een tak. Met mijn Sony op de burst-stand, knip er op los en blijken er later een aantal behoorlijk goede foto's tussen te zitten. Wat een heerlijke kers op de taart van vandaag!














9 views1 comment

Recent Posts

See All
bottom of page